Deel 4: Wat er wel is · De dag
Er staat niemand aan het roer. Het klopte toch.
Het was zo fel dat het pijn deed, en de hele stad schreeuwde. Er was geen ander woord voor. Het was geen bidden en geen juichen, het was gewoon wat er uit mensen komt. Het licht kwam over de zee aanrennen. De duif vloog op. Ergens begon een haan te kraaien, helemaal in de war. En in de stilte daarna, toen de ademhaling van de hele stad nog boven het plein hing, kwam er uit een open raam in de steeg een nieuw geluid, dun, nijdig en heel erg in leven.